
Kunstmatige intelligentie is inmiddels onderdeel geworden van ons dagelijks leven.
Ik gebruik zelf ook kunstmatige intelligentie. Voor de ontwikkeling van mijn website, het onderzoeken van onderwerpen en het schrijven van blogs zoals deze. Ik zie hoeveel mogelijkheden deze technologie biedt, maar ook hoe belangrijk het is om bewust te blijven nadenken over wat je ermee doet.
Voor mij gaat deze discussie daarom verder dan de vraag of iemand AI gebruikt. Het gaat over transparantie, vertrouwen en de verantwoordelijkheid die we zelf blijven nemen.
AI in de Tweede Kamer: wat weten we eigenlijk?
Op 21 oktober 2026 publiceerden Investico en De Groene Amsterdammer een onderzoek naar het gebruik van kunstmatige intelligentie in de Tweede Kamer.
De onderzoekers analyseerden 2.715 voorbereide spreekteksten uit 303 Kamerdebatten, gehouden tussen januari en september 2026. Daarvoor gebruikten zij Pangram, software die probeert te herkennen of teksten door kunstmatige intelligentie zijn geschreven.
Volgens de analyse spraken 68 Kamerleden minstens één keer een debatbijdrage uit die volgens de scanner voor meer dan de helft met AI was geschreven. In 187 van de 303 onderzochte debatten kwam minstens één dergelijke bijdrage voor.
Het onderzoek laat zien hoe groot de mogelijke rol van AI binnen de politiek inmiddels is geworden. Tegelijkertijd is het belangrijk om te begrijpen dat de uitkomsten gebaseerd zijn op een detectieprogramma. Een AI-scanner analyseert taalpatronen, maar kan niet rechtstreeks vaststellen hoe een tekst tot stand is gekomen. Ook wetenschappelijk onderzoek laat zien dat AI-detectiesystemen fouten kunnen maken en dat de betrouwbaarheid onder verschillende omstandigheden kan afnemen.
Dat betekent niet dat we de onderzoeksresultaten moeten negeren. Het betekent wel dat we zorgvuldig moeten omgaan met de conclusies die we eraan verbinden.
Want wanneer we kunstmatige intelligentie gebruiken om teksten te schrijven en vervolgens andere kunstmatige intelligentie inzetten om die teksten te beoordelen, blijft de vraag hoeveel waarde we aan die beoordeling kunnen toekennen.
Waarom ligt AI-gebruik in de politiek zo gevoelig?
Politici worden gekozen om de samenleving te vertegenwoordigen. We verwachten dat zij zich verdiepen in maatschappelijke problemen, verschillende belangen afwegen en hun standpunten kunnen uitleggen.
Daarvoor is taal een belangrijk instrument.
Wanneer een Kamerlid kunstmatige intelligentie gebruikt om een zelfgeschreven tekst begrijpelijker te maken, hoeft dat weinig te veranderen aan de inhoudelijke overtuiging. Maar wanneer AI zelfstandig argumenten formuleert, standpunten bedenkt of conclusies trekt, ontstaat een andere situatie.
Dan wordt het interessant om te onderzoeken hoeveel van de uitgesproken woorden werkelijk voortkomen uit de eigen gedachten van de politicus. Tegelijkertijd moeten we ook naar de andere kant van deze discussie kijken.
Politici werken al jarenlang met tekstschrijvers, beleidsmedewerkers en communicatieadviseurs. Ook vroeger werd niet iedere politieke toespraak volledig door de spreker zelf geschreven. Waarom zou kunstmatige intelligentie dan ineens een fundamenteel ander probleem zijn?
Misschien zit het onderscheid helemaal niet in wie de tekst heeft geschreven, maar in wie de inhoud heeft bepaald. Een politicus kan een speech laten schrijven door een medewerker en volledig achter de inhoud staan. Maar een politicus kan ook een door AI gegenereerde tekst voorlezen zonder zich voldoende in de argumenten te hebben verdiept.
Moeten politici transparant zijn over hun AI-gebruik?
Wanneer je kunstmatige intelligentie gebruikt, vind ik dat je daar open over moet kunnen zijn. Zeker wanneer je een publieke functie vervult en mensen erop moeten kunnen vertrouwen dat je begrijpt wat je zegt en waarom je het zegt.
In de politiek is dat vertrouwen bijzonder belangrijk. Politici nemen beslissingen die gevolgen hebben voor onze samenleving. Burgers mogen daarom verwachten dat politieke standpunten voortkomen uit een inhoudelijke afweging en dat politici verantwoordelijkheid nemen voor hun uitspraken.
Maar hoe ver moet die transparantie gaan?
Wanneer een politicus AI gebruikt om een zelfgeschreven tekst te verbeteren, is dat iets anders dan wanneer kunstmatige intelligentie de argumenten en conclusies formuleert. En wanneer een politicus een speech laat schrijven door een medewerker, is die tekst ook niet volledig door hemzelf geschreven.
Dat maakt de vraag interessanter. Want gaat het er werkelijk om wie de woorden heeft geschreven? Of gaat het erom wie heeft bepaald wat er gezegd wordt?
Voor mij zit daar een belangrijk onderscheid.
Transparantie betekent niet dat iedere spellingscorrectie verantwoord moet worden. Maar wanneer kunstmatige intelligentie een wezenlijke rol speelt bij het formuleren van politieke argumenten, vind ik dat burgers dat mogen weten.
Daarbij gaat het wat mij betreft om drie zaken: openheid over het gebruik van AI, controle van de informatie en verantwoordelijkheid voor de uiteindelijke inhoud.
Want ook wanneer iemand volledig achter een door AI geschreven tekst staat, kan die tekst feitelijke onjuistheden bevatten.
Uiteindelijk moet een politicus zelf kunnen uitleggen waarom hij een bepaald standpunt inneemt. Ook wanneer de tekst met behulp van AI tot stand is gekomen.
Vertrouwen ontstaat niet uitsluitend door wat iemand zegt, maar ook door de openheid over hoe die woorden tot stand zijn gekomen.
Ook dit blogartikel is geschreven met behulp van AI
Het lijkt mij belangrijk om diezelfde transparantie ook op mijn eigen werkzaamheden toe te passen.
Ook dit blogartikel is met behulp van kunstmatige intelligentie geschreven.
Het onderwerp, de aanleiding en de vragen die ik belangrijk vind, komen van mij. Vervolgens gebruik ik AI om informatie te onderzoeken, mijn gedachten te structureren en het artikel uit te werken.
Daarbij neem ik niet automatisch over wat kunstmatige intelligentie voorstelt. Soms worden er verbanden gelegd die ik helemaal niet relevant vind. Soms worden onderwerpen onnodig ingewikkeld gemaakt of ontstaat er een conclusie waar ik mij niet in kan vinden.
Juist daarom blijf ik kritisch kijken naar wat er door ai wordt geschreven.
Ook bij de ontwikkeling van mijn website gebruik ik kunstmatige intelligentie. Het helpt mij bij technische vraagstukken, het onderzoeken van onderwerpen en het verwerken van informatie. Daarmee kan ik werkzaamheden uitvoeren waarvoor ik anders veel meer tijd nodig zou hebben.
Maar dat betekent niet dat alles wat AI produceert automatisch juist is of aansluit bij wat ik wil vertellen.
En dat maakt dit artikel misschien wel een goed voorbeeld van de discussie waarover het gaat.
Want maakt het voor jou als lezer verschil dat ik kunstmatige intelligentie gebruik om dit artikel te schrijven? Verandert dat jouw oordeel over de inhoud? Of vind je het vooral belangrijk dat de informatie klopt en dat ik zelf achter de gepubliceerde woorden sta?
Wat heeft AI met personal training te maken?
Ook in mijn werk als personal trainer in Zwolle zie ik mogelijkheden voor kunstmatige intelligentie. AI kan helpen bij het samenstellen van trainingsschema’s, het analyseren van informatie en het onderzoeken van trainingsmethoden. Ik gebruik deze mogelijkheden niet voor mijn trainingen want een trainingsschema op papier is nog geen garantie voor een goede training.
Daar komt jarenlange praktijkervaring om de hoek kijken. Je moet begrijpen wat iemand wil bereiken, wat iemand lichamelijk aankan en hoe diegene daadwerkelijk beweegt. Als personal trainer voor ondernemers, ouders en leiders gebruik ik mijn kennis en ervaring om die afwegingen te maken.
Kunstmatige intelligentie kan daarbij een hulpmiddel zijn, maar neemt die verantwoordelijkheid niet van mij over.
En eigenlijk geldt voor de politiek precies hetzelfde: de technologie kan helpen bij het formuleren van een boodschap, maar degene die de boodschap uitspreekt, blijft verantwoordelijk voor de inhoud.
AI gebruiken vraagt om bewustzijn
De discussie over kunstmatige intelligentie in de politiek is wat mij betreft waardevol. Het dwingt ons om na te denken over authenticiteit, verantwoordelijkheid en de invloed van technologie op ons dagelijks leven.
Het zou alleen jammer zijn wanneer de discussie uitsluitend gaat over het betrappen van mensen die AI hebben gebruikt want daarmee missen we een veel belangrijkere vraag.
Hoe kunnen we deze technologie gebruiken om beter geïnformeerd te zijn, bewuster keuzes te maken en onze eigen kennis verder te ontwikkelen?
Ik zie kunstmatige intelligentie als een waardevol instrument. Het helpt mij om ideeën uit te werken, informatie te onderzoeken en werkzaamheden efficiënter te organiseren. Tegelijkertijd wil ik zelf blijven bepalen wat ik belangrijk vind, welke conclusies ik trek en welke woorden uiteindelijk gepubliceerd worden.
Dat vraagt om kritisch denken. Om bereidheid om informatie te controleren, andere perspectieven te onderzoeken en soms ook je eigen overtuigingen ter discussie te stellen. De 5 gouden principes kun je ook hier toepassen. En dat geldt voor iedereen die kunstmatige intelligentie gebruikt. Voor politici, ondernemers, studenten, coaches en personal trainers.
De belangrijkste vraag is uiteindelijk niet uitsluitend of een tekst door een mens of door kunstmatige intelligentie is geschreven. De vraag is ook of degene die de tekst gebruikt, begrijpt wat erin staat, er bewust voor kiest en er zelf verantwoordelijkheid voor neemt.
Kunstmatige intelligentie kan helpen bij het formuleren van woorden. Maar transparantie, kritisch denken en verantwoordelijkheid blijven menselijke keuzes.
