
Nederland moet productiever worden. Dat begrijp ik. We hebben te maken met personeelstekorten, technologische veranderingen en bedrijven die internationaal moeten blijven concurreren. Alleen zit er in die discussie een grens waar we scherp op moeten blijven: productiviteit mag niet langzaam hetzelfde gaan betekenen als steeds meer van mensen vragen.
TNO publiceerde deze maand onderzoek naar productiviteit in de Nederlandse industrie. Technologie speelt daarin een grote rol, maar de onderzoekers kijken nadrukkelijk breder. Ook scholing, werkorganisatie, autonomie, gezondheid en de manier waarop mensen bij veranderingen worden betrokken tellen mee. Tegelijkertijd ziet TNO de werkdruk toenemen.
Daar zit voor mij de echte vraag. Niet hoeveel meer iemand kan produceren, maar hoe lang iemand op een gezonde manier goed kan blijven functioneren.
Want harder functioneren kan een tijd lang op vooruitgang lijken.
Tot je kijkt naar wat het kost.
Goed functioneren zegt nog niet dat het goed gaat
Dat iemand zijn werk goed doet, betekent niet automatisch dat zijn gezondheid ook goed gaat. Juist mensen met verantwoordelijkheid kunnen lang blijven functioneren terwijl er onder de oppervlakte steeds meer wordt ingeleverd.
Dat vind ik belangrijk, omdat we gezondheid vaak pas serieus nemen wanneer functioneren zichtbaar minder wordt. Als iemand nog presteert, deadlines haalt en verantwoordelijkheid neemt, lijkt er weinig reden om iets te veranderen.
Maar het lichaam wacht niet altijd tot je agenda toestemming geeft voordat het reageert.
Slaap, energie, herstel, voeding en beweging hebben invloed op hoe je functioneert. Niet alleen in een sportschool, maar iedere dag. Daarom kijk ik tijdens een Personal Training niet alleen naar wat iemand tijdens een training kan. Dat geldt zeker voor leiders. Die zijn gewend om door te gaan, maar werkdruk kan invloed hebben op slaap, energie, herstel en dagelijkse keuzes. De training moet rekening houden met het leven waarin die persoon leiding geeft, niet doen alsof dat leven buiten de trainingsruimte ophoudt.
Dat betekent niet dat werkdruk altijd slecht is of dat verantwoordelijkheid kleiner moet worden.
Het betekent dat gezondheid mee moet tellen in de manier waarop je naar functioneren kijkt.
Productiviteit is iets anders dan meer output uit dezelfde mens halen
Dat onderscheid mis ik soms in discussies over productiviteit.
Als technologie ervoor zorgt dat werkzaamheden sneller kunnen, is dat winst. Als processen slimmer kunnen worden ingericht, ook. Maar zodra iedere gewonnen minuut direct wordt gebruikt om opnieuw meer te vragen, verandert efficiëntie alleen de snelheid waarmee we werken.
Dan is er technisch vooruitgang, maar hoeft er voor de mens niets verbeterd te zijn.
Daarom vind ik de koppeling die TNO maakt met kwaliteit van werk belangrijk. Productiviteit staat niet los van autonomie, veiligheid en gezondheid. Een organisatie heeft uiteindelijk niets aan een manier van werken die op korte termijn meer oplevert maar op langere termijn mensen steeds verder uitput.
Dat geldt ook voor jezelf.
Je kunt ontzettend goed worden in presteren onder druk. Je kunt jezelf trainen om langer door te gaan, sneller te schakelen en meer verantwoordelijkheid aan te kunnen. Maar het feit dat je iets kúnt, zegt nog niet dat je het onbeperkt moet blijven doen.
Daar begint bewustzijn.
Bij eerlijk kijken naar de prijs van je manier van functioneren.
Een lichaam kent geen kwartaalcijfers
Tijdens fysieke training is één principe heel duidelijk: intensiteit en herstel horen bij elkaar.
Je wordt niet sterker doordat je alleen maar intensiever traint. Het lichaam moet zich ook kunnen aanpassen aan wat je ervan hebt gevraagd.
Op het werk vergeten we dat principe gemakkelijker.
We verwachten dat ons hoofd scherp blijft, dat energie beschikbaar blijft en dat ons lichaam blijft volgen, ook wanneer herstel steeds kleiner wordt.
Maar je lichaam maakt geen onderscheid tussen een zakelijke reden en een lichamelijke belasting. Te weinig slaap blijft te weinig slaap. Structurele spanning blijft spanning. Herstel dat ontbreekt, wordt niet ineens minder relevant omdat de oorzaak belangrijk werk is.
Daarom zie ik gezondheid niet als iets wat naast prestaties staat.
Gezondheid bepaalt mede hoe lang je überhaupt kunt blijven presteren.
Niet omdat je lichaam een productiemiddel is.
Omdat je er iedere dag mee moet leven.
Gezondheid is geen middel om nóg meer te kunnen werken
Daar wil ik ook duidelijk over zijn.
Ik vind niet dat iemand moet trainen zodat er daarna nog meer werk in zijn dag past. Ik vind niet dat slaap belangrijk is omdat je dan efficiënter kunt vergaderen. En ik vind gezondheid geen techniek om nóg meer uit mensen te halen.
Dat zou de hele gedachte omdraaien.
Gezondheid heeft waarde zonder dat daar een zakelijk resultaat tegenover hoeft te staan.
Tegelijkertijd kun je als ondernemer of leider niet doen alsof je gezondheid volledig losstaat van je verantwoordelijkheid. Jij bent degene die beslissingen neemt, richting geeft en aanwezig moet kunnen blijven wanneer anderen op je rekenen.
Juist daarom is de vraag niet alleen: wat kan ik vandaag nog aan?
De betere vraag is: kan ik op deze manier blijven leven zonder steeds verder van mijn eigen gezondheid weg te bewegen?
Dat is een andere vorm van verantwoordelijkheid.
De strijd blijft vaak onzichtbaar zolang iemand blijft functioneren
Bij mensen met grote verantwoordelijkheid zit nog een laag die nauwelijks in cijfers zichtbaar wordt.
De buitenwereld ziet functioneren.
Maar ziet niet altijd de strijd erachter.
De druk om het antwoord te hebben. Beslissingen waarvan anderen de gevolgen voelen. Twijfel die je niet overal kunt neerleggen. De verantwoordelijkheid om door te gaan terwijl je zelf ook momenten hebt waarop je niet weet wat de beste keuze is.
Dat is precies waarom Elite Transformation Five Stars voor mij een ander niveau van aanwezigheid is dan alleen Personal Training.
Five Stars is er voor mensen die veel verantwoordelijkheid hebben en die hun strijd vaak voeren zonder dat iemand die ziet. Je schakelt mij voor een jaar in zodat je die strijd niet meer alleen hoeft te voeren.
Dat betekent niet dat ik de verantwoordelijkheid overneem.
Het betekent dat er iemand naast je staat terwijl jij haar blijft nemen.
Juist bij mensen die gewend zijn degene te zijn op wie anderen terugvallen, kan dat verschil groter zijn dan nóg een trainingsschema of nóg een advies over productiviteit.
Echte productiviteit moet ook morgen nog werken
Dat is waar het onderzoek van TNO mij uiteindelijk naartoe brengt.
Ik ben vóór technologie die ons werk beter maakt. Voor slimmere processen. Voor mensen ontwikkelen zodat ze beter worden in wat ze doen.
Maar productiviteit verliest voor mij zijn waarde wanneer we alleen kijken naar wat er vandaag meer uitkomt.
Een betere manier van werken moet ook morgen nog werken. En volgend jaar.
Niet alleen voor de organisatie, maar ook voor de mens die het uitvoert.
Daarom geloof ik dat gezondheid veel eerder onderdeel moet zijn van het gesprek over productiviteit. Niet pas wanneer iemand uitvalt. Niet als secundair HR-thema. En zeker niet als instrument om vervolgens nog meer druk mogelijk te maken.
Maar omdat duurzaam functioneren vraagt dat belasting en herstel allebei serieus worden genomen.
Meer productiviteit betekent voor mij niet dat we steeds meer uit mensen halen. Het betekent dat we beter leren werken zonder de mens die het werk doet onderweg kwijt te raken.
Externe bron
TNO — Productiviteit vraagt om bredere kijk op arbeid en technologie, 19 augustus 2026.